
5-6-2026
Op zaterdag 30 mei stond de vlucht vanuit Châlons-en-Champagne op het programma, een concours over een afstand van 354 kilometer. Deze lossingsplaats lag een stuk oostelijker dan de week ervoor.
Na de problemen van het voorgaande weekend werd er begrijpelijkerwijs extra voorzichtig gehandeld. Er werd dan ook lang gewacht voordat de duiven gelost konden worden. Uiteindelijk klonk om 11.45 uur het vertreksignaal en konden de duiven aan hun terugreis beginnen.
Maar wat er vervolgens gebeurde, heb ik zelf nog nooit meegemaakt in twee opeenvolgende weken. Opnieuw verliep de vlucht moeizaam en hadden de duiven veel moeite om hun weg naar huis te vinden. In onze vereniging stond het concours bijna drie uur open, terwijl er slechts 67 duiven waren ingekorfd.
Je gaat je dan toch afvragen of er momenteel iets aan de hand is in de atmosfeer. Hopelijk is de spanning er inmiddels een beetje vanaf en hebben de regenbuien van de afgelopen dagen voor verbetering gezorgd. Eén ding staat vast: we zijn in korte tijd van temperaturen rond de 12 tot 15 graden naar ruim 30 graden gegaan en weer terug. Een enorme omslag binnen één a twee weken. Mogelijk heeft die snelle temperatuurstijging invloed gehad op de omstandigheden waar onze duiven mee te maken kregen.
Gelukkig was er ook deze week weer een mooie winnaar. Chris van Ginkel schreef de overwinning op zijn naam en deed dat op indrukwekkende wijze. Hij behaalde namelijk een 100% score door zijn beide ingezette duiven in de prijzen te klokken. Zijn eerst geklokte duif was bovendien goed voor de 8e prijs in Kring Zuid 2 tegen 655 duiven.
Op het moment van schrijven zijn de duiven voor de dagfondvlucht vanuit Vierzon alweer onderweg. We hopen dat zowel liefhebbers als duiven dit weekend weer kunnen genieten van normale omstandigheden en écht duivenweer.
Fingers crossed dus, en tot de volgende keer!
4-6-2026
De afgelopen twee weken hebben we wat minder tijd gehad om hier verslag te doen, maar hierbij alsnog een terugblik op wat zich in die periode heeft afgespeeld.
Op zaterdag 23 mei stonden er twee vluchten op het programma: Châteaudun en Cambrai. Beide concoursen werden al vroeg gelost, om 07.00 uur. Op dat moment leek dat een uitstekende beslissing. Het weer zag er prachtig uit en de omstandigheden oogden veelbelovend.
Helaas verliepen beide vluchten allesbehalve gemakkelijk. Dit beeld was overigens niet uniek voor onze vereniging; in heel duivensportland hadden de duiven het zwaar. Overal stonden de concoursen uitzonderlijk lang open en hadden de duiven veel moeite om zich te oriënteren en hun hok terug te vinden.
Wat hiervan precies de oorzaak is geweest, blijft voor ons een raadsel. Persoonlijk heb ik het vermoeden dat er in de atmosfeer iets niet helemaal in orde was. Dat heeft naar mijn mening weinig met klimaatverandering te maken, maar misschien speelde een fenomeen als El Niño een rol. Wie het weet, mag het ons gerust komen uitleggen.
Feit is dat in onze vereniging beide wedvluchten ruim vijf uur open stonden voordat de laatste prijsduiven waren geklokt.
Châteaudun (538 km)
De overwinning op Châteaudun ging naar Kees Janssen. Met deze prestatie behaalde hij bovendien de 34e prijs in Kring Zuid 2 tegen een deelname van 750 duiven.
Cambrai (269 km)
Op Cambrai was Henry van den Brink de grote uitblinker. Hij wist zowel de 1e als de 2e plaats voor zich op te eisen. Daarnaast behaalde hij een prachtige 3e prijs in Kring Zuid 2 tegen maar liefst 1.506 duiven.
Ondanks de lastige omstandigheden mogen de winnaars trots zijn op deze knappe prestaties. Gefeliciteerd Kees en Henry!
21-5-2026
Afgelopen zaterdag 16 mei werden 280 duiven van Ons Genoegen gelost in Morlincourt (FR). Om kwart over negen gingen de deuren open voor een vlucht van zo’n 330 kilometer. Onderweg kregen de duiven het allesbehalve cadeau, want het weer was bijzonder wisselvallig met onderweg stevige buien en lastige omstandigheden. Dat was uiteindelijk ook goed terug te zien in het verloop van de vlucht.
Opvallend was dat vooral de fondmannen op dit soort weer geweldig draaiden. Blijkbaar zijn die duiven toch nét wat meer gewend aan zware omstandigheden dan de echte snelheidsduiven… al vraag ik me nog steeds af of dat daadwerkelijk de enige reden is.
Voor Kees Janssen en zijn duiven maakte het in ieder geval allemaal niets uit. Regen, wind of zware luchten: ze lijken overal doorheen te vliegen. Kees wist opnieuw de twee snelste duiven van onze vereniging te klokken en dat is zonder twijfel een knappe prestatie. Het zou mij dan ook niets verbazen als de dagfondvluchten dit seizoen ook uitstekend gaan uitpakken voor hem, want de vorm lijkt momenteel meer dan aanwezig.
Ook in Kring 2 lieten de duiven van Kees zich van voren zien met een 6e en 9e plaats tegen 2075 duiven. De vraag is nu natuurlijk: Hebben de concurrenten deze week extra gepoetst, getraind en gelapt om een beetje in de buurt te kunnen komen?
In ieder geval wens ik iedereen weer veel succes op de dagfond en natuurlijk ook op Cambrai, de geplande vitessevlucht van aankomend weekend.
Als afsluiter van deze week wil ik graag nog twee nieuwe leden kort voorstellen en van harte welkom heten binnen onze vereniging: de combinatie Gerrit en Jaco van Nieuwamerongen. Velen van u zullen deze combinatie al kennen. Zij hebben zich al jarenlang gespecialiseerd in de marathonvluchten en behalen daar met grote regelmaat mooie resultaten mee. De kans is dan ook behoorlijk groot dat ik later dit seizoen nog iets over hen mag schrijven op deze website.

12-5-2026
Vorige week vroeg ik of iemand de handschoen ging oppakken. Nou, dat antwoord kwam zaterdag 9 mei al vliegensvlug vanuit het Franse Morlincourt.
Om 08:50 uur werden daar de duiven gelost voor een vlucht van ongeveer 330 kilometer en onze club stuurde in totaal 320 duiven mee richting Frankrijk. Onder prima omstandigheden werd het uiteindelijk een mooie vlucht, wel voor sommigen een divers verloop aangezien de duiven niet allemaal even vlot thuis kwamen en ondergetekende miste er zaterdagavond ook nog 4 van de 15 maar die waren zondagochtend allen om 11 uur weer present.
Chris van Ginkel won eerder dit seizoen al een vlucht, maar liet zaterdag zien dat het allesbehalve toeval was. Sterker nog, het lijkt erop dat zijn duiven momenteel gewoon stevig in vorm zijn.
Chris in niet de man die urenlang rustig kan stilzitten…..
Met een jong gezin thuis zal hij samen met zijn vrouw ongetwijfeld druk bezig zijn om iedere dag de eindjes aan elkaar te knopen. Daarnaast runt hij ook nog eens een elektrotechniekbedrijf, waar dagelijks touwtjes aan elkaar geknoopt worden om de spanning erin te houden. Toch weet hij ondertussen ook zijn duiven uitstekend aan de praat te houden.
Dat resulteerde zaterdag in de 1e prijs van de club. In KringZuid 2 was dat goed voor een prachtige 5e plaats tegen maar liefst 2070 duiven en ook in WestZuid stond Chris er uitstekend op met een keurige 13e prijs tegen 3939 duiven. Dat zijn prestaties waar je serieus rekening mee moet houden.
De vraag is nu natuurlijk: wat gaan we de komende weken nog meer zien van Chris? Gaan de concurrenten nog weerstand bieden — om maar even in de elektrotermen te blijven — of schakelt hij voorlopig gewoon lekker door? Houd hem in de gaten, want hij staat momenteel bovenaan het kampioenschap vitesse in Kring2!
Succes allemaal met de voorbereiding op de tweede midfondvlucht vanuit Morlincourt. Voor velen zal dat ongetwijfeld ook weer een belangrijke stap richting het dagfondseizoen worden.
3-5-2026
Uw reporter had even een weekje vrij, dus ook geen bericht op de site… maar geen zorgen, we maken dat nu ruimschoots goed met het nieuws en de prestaties van de afgelopen twee weken.
Twee zaterdagen – 25 april en 2 mei – staan nog open. En geloof me: dit wil je even rustig lezen…
Op zaterdag 25 april werden onze duiven gelost in Bierges op 160 km. Wat begon als een mooie vlucht, eindigde in een waar spektakelstuk. Kees Janssen pakte in de club al direct de 1e en 2e prijs, maar daar bleef het niet bij. De tovenaar uit het binnenveld liet pas echt zien wat hij in huis heeft: zijn eerste twee duiven goed voor de 3e en 4e prijs in Vlieggebied West afdeling Oost tegen maar liefst 12.206 duiven. Alsof dat nog niet genoeg was, klokte hij er ook nog eens 7 bij de eerste 100. Een uitslag waar je u tegen zegt – en zonder twijfel tot nu toe dé prestatie van 2026 binnen onze club. De lat? Die ligt inmiddels niet hoog meer… die hangt ergens in de wolken.
En dan zaterdag 2 mei. Een stapje verder naar 225 km, iets meer spanning, en opnieuw ogen gericht op de lucht. In Quiévrain werd er wat later gelost door de omstandigheden, maar toen ze eenmaal gingen, was het weer raak. En hoe. Opnieuw is het Kees Janssen die de klok slaat. Winst in de club én met zijn eerste duif de 13e prijs in Kring Zuid 2 tegen 2.511 duiven. Twee weken, twee keer raak. Dubbelslag. Two in a row.
Je kunt er niet omheen: Kees was de afgelopen weken heer en meester in onze club. De vraag is alleen… laten we dat zo, of gaat iemand de handschoen oppakken?
Niet vergeten: aankomend weekend staat Morlincourt op het programma, 330 km. Donderdagavond inkorven dus, twee nachten mand – een serieuze test en meteen een mooie aanzet richting de dagfond. Jammer genoeg gaan ze niet als gehele afdeling los, maar dat maakt het er zeker niet minder interessant op.

23-4-2026
Beste duivenliefhebbers,
Ik wil jullie dringend ergens voor waarschuwen. Er spelen momenteel ontwikkelingen rondom aangescherpte regels voor dierentransport. Op zichzelf lijkt dat misschien iets wat buiten onze sport staat, maar vergis je niet: als we niet opletten, kan dit ook onze duivensport gaan raken.
En precies daar wringt het.
Binnen onze sport doen we er alles aan om het vervoer van onze duiven zo goed mogelijk te organiseren. Met zorg, met aandacht en met voorzieningen die in veel andere vormen van dierentransport simpelweg niet aanwezig zijn. Denk alleen al aan de drinkvoorzieningen en de ventilatiesystemen waar continu in wordt geïnvesteerd en over wordt nagedacht. Dat niveau willen we behouden.
Wat we níet moeten willen, is dat ons vervoer op één hoop wordt gegooid met andere vormen van dierentransport, waar heel andere belangen en omstandigheden spelen. Dat zou de plank volledig misslaan. Maar dat onderscheid blijft alleen bestaan als we zelf ook laten zien dat we onze zaken serieus en goed op orde hebben — en dat we daar verantwoordelijk mee omgaan.
En daar gaat het soms mis.
We kennen allemaal de situaties. Een vlucht verloopt anders dan gehoopt. Er wordt gelost terwijl sommigen daar vraagtekens bij zetten. Of er wordt juist niet gelost en anderen hadden dat wel verwacht. Op dat soort momenten lopen de emoties logischerwijs op. Dat hoort bij de passie voor de sport.
Maar wat we vervolgens doen, is bepalend.
Op sociale media wordt die eerste emotie vaak direct gedeeld. Ongefilterd, zichtbaar voor iedereen en blijvend vindbaar. Discussies die eigenlijk binnen de sport thuishoren, liggen ineens op straat. En niet alleen voor liefhebbers onderling, maar ook voor buitenstaanders: media, politiek en overheid.
En die kijken mee — zeker in een tijd waarin regels rondom dierenwelzijn en transport onder een vergrootglas liggen.
Over dit onderwerp is onlangs ook geschreven door een oud-secretaris in zijn mijmeringen. Voor wie het nog niet gelezen heeft: het is absoluut de moeite waard. Het geeft een helder beeld van waar we staan en waar de aandachtspunten liggen, en sluit naadloos aan bij de actualiteit.
(Lees de mijmering hier)
Het punt is niet dat er geen kritiek mag zijn. Integendeel. We moeten scherp blijven en dingen benoemen. Maar de manier waarop maakt het verschil. Emotionele uitingen op het verkeerde moment en op de verkeerde plek zorgen zelden voor verbetering. Ze trekken vooral aandacht — en niet de soort aandacht die we willen.
En ja, ook ik heb er weleens een mening over. Dat geldt voor ons allemaal. Maar laten we de druk eraf halen. Niet alles hoeft meteen online, voor iedereen en voor altijd. Wat vandaag in emotie wordt geschreven, kan morgen tegen je werken — of tegen de sport als geheel.
Laten we het vooral achteraf goed evalueren, met de juiste mensen aan tafel. En ja, daar mag best stevig gesproken worden. Drammen en zeuren hoort er soms bij. Maar doe dat waar het thuishoort: binnen de muren van het clubgebouw, in vertrouwen, met het gezamenlijke doel om het beter te doen.
Want uiteindelijk hebben we allemaal hetzelfde belang: een sport die goed georganiseerd is, serieus genomen wordt en toekomstbestendig blijft — juist ook als het gaat om hoe wij met onze duiven omgaan, ook tijdens het vervoer.
Dus denk na voordat je iets deelt. Niet alleen vanuit gevoel, maar ook met het grotere geheel in gedachten.
Laten we zorgen dat het verschil zichtbaar blijft.
Sportgroet,
G.J.
20-4-2026
Afgelopen zaterdag 18 april was het eindelijk zover: de eerste échte wedstrijd van het seizoen. Om 07:50 uur werden maar liefst 412 duiven gelost in het Belgische Duffel, met een gemiddelde afstand van circa 135 kilometer richting Ede. Duffel is een plaats in de provincie Antwerpen die zijn naam gaf aan de bekende duffelcoat — een stevige wollen jas, gemaakt van stof die oorspronkelijk uit deze streek kwam.
Op het eerste gezicht leken de omstandigheden gunstig. Er stond echter een stevige zuidwestenwind, vooral aanwezig in de hogere luchtlagen. Uw reporter werd enigszins verrast toen de duiven zich al meldden terwijl hij net klaar was met grasmaaien en een duif van grote hoogte naar beneden zag duiken. Op grondniveau was op dat moment nog weinig van die harde wind merkbaar.
Het lijkt erop dat de duiven daar optimaal gebruik van hebben gemaakt, want de eerste aankomsten werden gekenmerkt door hoge snelheden — de snelste duiven haalden ongeveer 1600 meter per minuut, wat neerkomt op zo’n 96 kilometer per uur. Tegelijkertijd duurde het, zeker voor deze relatief korte afstand, behoorlijk lang voordat alle duiven weer thuis waren.
Een mogelijke verklaring is dat door de krachtige wind een groot aantal duiven te ver is doorgeschoten. Vervolgens moesten zij weer terug tegen de wind in, wat extra tijd en inspanning heeft gekost.
De uitslag kende een duidelijke uitblinker: zowel de eerste als de tweede prijs gingen naar Chris van Ginkel. Zijn duiven lijken uitstekend in orde — zou er al sprake zijn van vroege vorm op de kolonie? De komende weken zullen het uitwijzen. In West Kring 2 wisten deze twee duiven bovendien een 8e en 9e plaats te behalen tegen maar liefst 2510 duiven.
Volgende week staat de vlucht vanuit Bierges op het programma. En wie weet… draait de wind dan naar de kop en krijgen we een heel ander koersverloop.
We kijken ernaar uit!
13-4-2026
Afgelopen zaterdag zijn we weer van start gegaan met het nieuwe seizoen. De eerste trainingsvlucht stond op het programma. Een belangrijk moment om alles weer scherp te krijgen: de constateersystemen, de inkorfploeg, het ophaalschema én natuurlijk de vraag of de duiven hun weg naar huis weer vlot weten te vinden.
Om 09:15 uur werden de duiven gelost in Reusel, op een afstand van ongeveer 86 kilometer van Ede. Met een redelijke zuidoostenwind bleek al snel dat het geen vlucht zou worden waarbij de duiven massaal tegelijk arriveerden. Er zaten zeker mooie, vroege duiven tussen, maar het was duidelijk merkbaar dat dit de eerste vlucht van het seizoen was en dat de oostelijke component in de wind het extra uitdagend maakte.
Bij mij zijn er op maandagochtend nog vier duiven onderweg. Het gaat om onervaren dieren, dus dat maakt het extra spannend. Het blijft altijd afwachten of ze nog thuiskomen. Het zijn late jongen die de hele winter buiten hebben gezeten en regelmatig zijn afgericht. Toch zie je elk jaar weer dat er uiteindelijk maar een klein deel overblijft.
Dit onderstreept opnieuw hoe belangrijk het is om te investeren in een goed en uitgebreid opleidingsprogramma. Jonge duiven moeten in hun geboortejaar voldoende kansen krijgen om ervaring op te doen en de nodige kilometers te maken. Alleen zo leg je een stevige basis voor de toekomst.
De snelste duif binnen de club behaalde een snelheid van 1480 meter per minuut. Deze prestatie kwam op naam van de duivin 436 van G. de Jager.
Allemaal veel succes volgende week wanneer de punten gaan tellen voor de kampioenschappen en we Duffel (133 km) op het programma hebben. We kijken uit naar een mooie en eerlijke vlucht!
2-4-2026
Al van kleins af aan wilde Annelie met pa het duivenhok in, want die duifjes waren zo lief. “Niet te hard knijpen hè!”, stond Brinkvader er dan ook regelmatig bij.
Een paar jaar later werd dochter Annelie, in de zomer regelmatig ingezet als hok- en vluchtverzorger tijdens de vakantie van vader Theo. Inkorven en opwachten hoorden daar natuurlijk bij, maar ook de gezelligheid van de liefhebbers op de club speelde een rol.
Van vaccineren en pillen opsteken tot het druppelen van de ogen, elixer door het water en het gepast voeren zodat ze er strak bij zitten voor de vlucht — het duivenvirus werd al snel overgebracht.
In combinatie met het feit dat ze weer dicht bij huis in het buitengebied woont, gaf dat uiteindelijk het laatste zetje.
Ze wilde er het fijne van weten en begint dit jaar voor het eerst in de Ladies League met een aantal jonge duiven.
Een hobby waar je een hoop tijd in kwijt kunt, met de spanning voor het seizoen en de hoop om een goede duif te kweken.
En geen paniek op de club: er is een doktersassistente in de zaal!
Annelie, veel succes komend seizoen!
10-3-2026
Binnen onze vereniging mogen we een nieuw gezicht verwelkomen: Herbert Flier (21). Voor sommigen is hij overigens geen compleet onbekende. Herbert is namelijk een aantal jaren geleden ook al eens lid geweest van onze vereniging. Na een periode waarin hij zich meer richtte op het houden van sierduiven, heeft het postduivenvirus hem opnieuw te pakken gekregen.
Herbert is een grote, sympathieke jongen met twee rechterhanden. In het dagelijks leven werkt hij namelijk als zelfstandig stratenmaker. Of het nu gaat om stenen recht leggen, schuin leggen of een straat of oprit netjes plaveien, Herbert draait er zijn hand niet voor om.
Ook thuis heeft hij de zaken al goed voor elkaar. Herbert heeft namelijk al een nieuw hokje gebouwd en is van plan om dit seizoen te gaan starten met jonge duiven. Vanuit de vereniging en uit de buurt hebben verschillende liefhebbers hem inmiddels geholpen met een aantal duiven, zodat hij een mooie start kan maken.
Zo mocht Herbert onlangs ook een mooi jong ophalen bij onze voorzitter. Op de foto ziet u het duifje, terwijl Herbert er trots naar staat te kijken. En dat is ook niet zomaar een jong: het komt namelijk uit de lijn van het “Grijze Gevaar”.
Dat belooft dus wat voor de toekomst! Wij denken dat we deze duif alvast een passende naam kunnen geven… “Grizzle Special” klinkt toch niet verkeerd.
Herbert, nogmaals van harte welkom (terug) bij de vereniging. We wensen je veel plezier, mooie vluchten en natuurlijk veel succes met de jonge garde!
25-2-2026
Het seizoen klopt op de deur. De dagen lengen, in de hokken groeit de spanning en in onze hoofden zijn we al lang vertrokken. 4 april staat omcirkeld in menig agenda. Maar wie straks zonder zorgen aan die eerste trainingsvlucht wil beginnen, zorgt er maar beter voor dat zijn zaken nú op orde zijn.
We praten graag over vorm, trainingsschema’s en ambitie. Over vroege ochtenden en duiven die snijden door de lucht. Maar er is ook een minder romantische kant van het seizoen. Administratie, entingen, lijsten, klokken en chipringen. Niet het mooiste deel van de sport, wel een bepalend deel.
Zijn alle vliegduiven correct en tijdig geënt? Is de juiste, geregistreerde entstof gebruikt? Staat alles netjes op de entlijst en heb je het ondertekende exemplaar van de dierenarts in handen? Via "Mijn Duivensportbond" kun je je duiven selecteren en je entlijst digitaal aanmaken en uploaden. Werk je met Compustam, dan kan het ook daar. Maak er gebruik van. Het bespaart tijd aan de inkorftafel en voorkomt discussies wanneer we ons met heel andere dingen willen bezighouden.
Weet je niet precies hoe het digitaal moet? Vraag een clubgenoot om hulp. Beter dat dan last-minute stress. En lever je lijst op tijd in bij de club. Niet “morgen”, niet “volgende week”, gewoon ruim vóór de deadline.
Hetzelfde verhaal voor klok en chipringen. Moeten er nog duiven toegevoegd of verwijderd worden? Chipringen gekoppeld? Aanpassingen gedaan aan de klok? Regel het tijdig. Voor PASbox-gebruikers: zet zelf al je duiven correct in de klok en vink aan welke geënt zijn of waar een chipring gekoppeld moet worden. De mensen die deze administratie verwerken willen – en verdienen – de tijd om alles rustig en correct in orde te brengen. Hoe later de aanvraag, hoe groter de kans op fouten. En niemand zit te wachten op technische problemen bij de eerste trainingsvlucht.
Want 4 april moet een test zijn. Even proefdraaien met de inkorving. Controleren of alle klokken correct registreren. Nakijken of de chipringen netjes worden ingelezen. Dat lukt alleen als de voorbereiding klopt.
En toch hangt er nog een andere vraag boven de hokken: gaan we echt starten op 4 april, of worden onze plannen opnieuw doorkruist door maatregelen rond vogelgriep?
De voorbije jaren hebben we ervaren hoe broos onze planning kan zijn. Uitgestelde starts, onderbrekingen, onduidelijkheid tot op het laatste moment. Zodra er uitbraken zijn bij pluimvee of wilde vogels, vallen ook onze duiven onder algemene maatregelen. Dat zorgt voor onzekerheid, en die onzekerheid knaagt.
Niemand pleit voor roekeloosheid. Diergezondheid staat voorop. Maar het is niet onlogisch dat liefhebbers zich vragen stellen. Ligt er een duidelijk noodscenario klaar? Wordt het programma verschoven, ingekort, regionaal opgesplitst? Zelfs slecht nieuws is beter dan wekenlange twijfel. Onze sport is gebouwd op planning, discipline en structuur. Dan mag je verwachten dat er bij overmacht een doordacht alternatief klaarligt.
Wat doen we intussen? We bereiden ons voor alsof het seizoen gewoon start. Er wordt getraind, geobserveerd en bijgestuurd. Het schema ligt klaar, de ambitie ook. Want wie vandaag zijn plan loslaat uit angst voor wat mogelijk komt, staat bij de start al 1-0 achter.
Misschien maken we ons zorgen om niets en slaan onze kampioenen op 4 april gewoon hun vleugels uit en begint het seizoen zoals het hoort: met kloppende harten, open kleppen en ogen gericht op de lucht.
Het seizoen moet nog beginnen, en toch leeft het al volop. In de hokken. In de gesprekken. In onze gedachten.
Let op uw saeck — en uw duiven doen de rest.
19-2-2026
Duivenmelkers;
Je ziet het woord wel eens in de krant, zeker als er weer eens een duif voor een astronomisch bedrag verkocht is. Ik wist toen al precies waar dat naartoe ging, standaard kreeg ik dan in de klas (scheikunde docent) de vraag: “Meneer heeft u als duivenmelker ook zulke dure wedstrijdduiven?”.
U begrijpt dat ik moest toegeven dat dit in de verste verte niet het geval is.
In de club kom ik met mijn witte postduiven nog niet eens in de buurt van de gevestigde orde. Een gigantisch probleem waar iedere starter (jong of oud) in de eerste lange jaren in de duivensport sowieso tegen aan zal lopen.
Ook het ontbreken van een schoolvakantie vriendelijk wedstrijdschema breekt voor een jong en dynamisch gezin met duiven en kinderen enorm op. De oude garde vindt het wel best zo.
Postduivensport een toekomst bestendige sport?
Ik zie het zeer somber in.
Ik? Ik geef gewoon toe aan mijn duiven-verslaving en ben misschien wel een apart vruchtje, dat je zoveel plezier aan die “sierduiven van jouw” kan beleven, zoals ik regelmatig wordt weggezet.
Maar ik blijf het proberen en pas op, er komt een dag!
Het probleem is waarschijnlijk, om met een van Neerlands topspelers te spreken – Willem de Bruijn uit Reeuwijk –: “Steven, er bestaat geen aparte competitie met witte duiven.” Bovendien speelt op mijn niveau mee dat je goede duiven moet krijgen; die zijn niet te koop.
Maar duivenmelker, wat een raar woord eigenlijk, het is een woord dat proeft als klonterige pap.
Wat er het meest aan opvalt, is de combinatie van duiven en melken. Zover ik me herinner, heb ik bij duiven nooit uiers gezien. Het lijkt dus moeilijk om die diertjes te melken.
Kijk, een koeienmelker prikkelt de fantasie minder dan een duivenmelker. Je trekt bij die koe aan een paar spenen en verse melk is het gevolg.
Geiten en schapen kunnen ook gemolken worden, ten behoeve van bijvoorbeeld kaas. Maar pas op , een “geitenmelker” en een “schapenmelker” hebben nog een tweede betekenis: er wordt een nachtzwaluw mee aangeduid. Enfin, u begrijpt waarvan deze vogel in het volksgeloof wordt verdacht.
Het woord “melken” in combinatie met de duiven heeft eeuwenlang een negatieve betekenis gehad, al sinds de 16e eeuw. “Melken” stond voor “bedrieglijk ontfutselen”.
In de duivenwereld gebeurde dat door de vriendjes en vriendinnetjes die de eigen duiven wel eens meebrachten naar het hok, niet terug te geven aan de rechtmatige eigenaar.
Een duivenmelker was dus gewoon een duivendief, impliciet ook een duitendief.
Later ging de term “duivenmelker” over op handelaars in duiven, weer later op mensen die hun duiven laten meedoen aan wedstrijden. De deugnieterij verdween dus gaandeweg uit de betekenis.
Toch klinkt de ongunstige gevoelslading nog altijd door in het woord” huisjesmelker”, iemand die slechte woningen tegen hoge prijzen verhuurt.
“Gemelk” heeft dus niet zo’n positieve klank. Maar toch kreeg de duivenmelker allengs een beter imago, zagen we zojuist. Het woord ging van de oneerlijke duivenjatters over op eerbare duivenhouders.
De betekenisverandering kennen we ook van andere woorden. Zo was een “kanjer” vroeger in het Frans een luiwammes, een “guit” was vroeger een deugniet en de hoge militaire rang “maarschalk” stond aanvankelijk voor een van de laagste functies, namelijk de paardenknecht.
We kunnen dat proces ook van dichtbij bekijken. Veel woorden veranderen immers ook in onze tijd van betekenis.
Een “collaborateur” was vroeger gewoon een medewerker. U weet wat we er sinds de WO2 mee bedoelen.
“Deerne” was aanvankelijk gewoon een meisje of een dienstmeisje. Nu is het laaghangend fruit, dat zich op straat verkoopt.
Gelukkig wordt het woord “melken” ook vaak met een bewonderde ondertoon gebruikt, zeker als in het nieuws weer eens een duivenmelker een paar ton rijker is aan de verkoop van zijn duiven.
En ik? Ik kijk naar mijn prachtig lichtgekleurde duiven in de lucht boven de Veluwe en verhuur deze soms via www.bruidsduif.nl
U allen veel duiven (melken) plezier toegewenst van Steven Knobbout uit Ede.
3-2-2026
Op zaterdag 31 januari vond in ons clubgebouw de jaarlijkse kampioenenhuldiging plaats. Met een uitgebreid warm en koud buffet, voldoende drankjes en een gezellige, volle zaal was het alles wat zo’n avond moet zijn. De sfeer was uitstekend en onze kampioenen stonden volop in het zonnetje.
Alle kampioenen werden benoemd en gehuldigd, met speciale aandacht voor onze keizerkampioen over alle vluchten: Kees Janssen. Als blijk van waardering voor deze prachtige prestatie ontving hij, naast het welverdiende applaus, ook een fraai bloemstuk. Een kampioenschap waar we als vereniging met recht trots op zijn.
Meer dan alleen prestaties
Onze kampioenenhuldiging draait niet alleen om uitslagen, maar ook om het verenigingsgevoel. Ook dit keer stonden we stil bij mensen die al jarenlang een waardevolle bijdrage leveren. Zo werden onze buurtjes weer uitgenodigd en bedankt voor hun trouwe inzet bij het aan de weg zetten en terugplaatsen van de afvalcontainer. Waar dit vroeger door de buurman werd gedaan, is het de laatste jaren vooral de buurvrouw die deze taak met veel toewijding op zich neemt. Zij werd hiervoor extra verrast met bloemen.

De jeugd is aan zet
Een bijzonder moment was de aandacht voor onze jeugdkampioenen van 2025: Iris van Omme en Lukas de Jager. De jeugd verdient binnen onze vereniging een prominente plek — zij vormen immers de toekomst en zullen het stokje straks hopelijk overnemen. Daarom dit keer een mooie foto van ons oudste lid, samen met de twee jeugdkampioenen en de overige jeugd die we met regelmaat op onze club zien verschijnen. Wie weet lopen daar al een paar toekomstige duivenmelkertjes rond.
Een zoete afsluiter
Tot slot werd uw reporter nog aangenaam verrast met een heerlijke slagroomtaart, als dank voor het werk aan deze website en – naar verluidt – de leuke stukjes die hier regelmatig verschijnen.
Een avond om met plezier op terug te kijken: gezellig, sportief en typisch onze vereniging.
23-1-2026
Ik stoor me er al langere tijd aan. En die vraag blijft maar hangen in mijn hoofd: waar is de aandacht voor de jeugd in de duivensport? Wie neemt verantwoordelijkheid om jonge liefhebbers niet alleen binnen te halen, maar ze ook vast te houden, zichtbaar te maken en trots te laten voelen dat ze erbij horen?
Neem het jaarboek van de duivensportbond tijdens de Olympiade 2023 in Maastricht. Een prachtig boek, zorgvuldig samengesteld en fraai vormgegeven. Maar wie erdoorheen bladert, ziet vooral één ding: senioren. Veel senioren. Jeugd ontbreekt vrijwel volledig. Geen verhalen, geen gezichten, geen toekomst. Zelfs van de nationale jeugdkampioenen was tot op de dag van vandaag nauwelijks beeldmateriaal te vinden. Dat podium lijkt uitsluitend voor de gevestigde orde bedoeld. Ook in reportages kwam vooral diezelfde vertrouwde groep aan bod.
En eerlijk gezegd zien we dat patroon nog steeds terug in de jaarlijkse filmfragmenten van de nationale kampioenen. Fragmenten die ik overigens enorm waardeer — mooi, met passie gemaakt en van grote waarde voor de sport — maar ook daar: geen jeugd in beeld.
Dat wringt.
Want als er één groep is die het stokje moet overdragen, dan zijn het de oudere duivenmelkers. Maar wat zien we in de praktijk? Duiven inkorven, een biertje drinken, wat bijpraten in het clubgebouw en weer naar huis. Alsof het niemand iets kan schelen wie er over tien of twintig jaar nog zit. Alsof de sport vanzelf wel blijft bestaan.
We praten al jaren over slimmer vervoeren, efficiënter omgaan met leden en vrijwilligers. We fuseren afdelingen om zogenaamd toekomstbestendig te blijven. Maar we vergeten één cruciale vraag: wie neemt straks ons stokje over?
En toen was daar in 2023 ineens een jong en enthousiast duivenmelkertje. Vol in de schijnwerpers, landelijk én regionaal volop aandacht. Ik dacht nog: wat fantastisch als dit ervoor zorgt dat jongeren echt gaan aanhaken. Hij leek het gezicht te worden van een nieuwe generatie, bijna een ambassadeur van de duivensport. Iemand die liet zien: dat het één van de leukste hobby’s is die je kunt bedenken. Werken met dieren, dagelijks verantwoordelijkheid nemen en tegelijkertijd de spanning van competitie.
Maar inmiddels horen en zien we weinig meer van hem.
Wat is er gebeurd? Is hij losgelaten? Niet begeleid? Of simpelweg vergeten, zoals zovelen?
En dat is misschien wel het grootste probleem: jeugd mag er soms even zijn, maar wordt zelden structureel meegenomen. Geen vaste aandacht, geen podium, geen terugkerende vermelding. Geen zonnetje waarin ze mogen staan. Terwijl juist dát is wat jongeren nodig hebben: erkenning, begeleiding en het gevoel dat ze ertoe doen.
Verenigingen met jeugdleden: maak het concreet. Zorg ervoor dat er wekelijks na een vlucht iets tastbaars is voor de jeugdwinnaar(s). Een beker, een medaille, een waardebon. Iets om trots op te zijn, om mee naar huis te nemen en te laten zien. Dat is geen luxe, dat is noodzaak. Jongeren willen graag beloond worden — en eerlijk is eerlijk, ze verdienen het ook.
Ga nog een stap vérder. Zet jeugd na een overwinning bewust in de spotlights. In de duivenkranten, lokale media, op websites en sociale kanalen. Laat hun namen en gezichten zien. Maak er een verhaal van. Want zichtbaarheid creëert trots, en trots zorgt voor binding.
En dan hoor ik soms: “Jij weet het zo goed, waarom doe jij het niet?” Maar dit is geen individuele taak. Dit is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van duivensportbond, afdelingen, verenigingen én alle leden. Samen moeten we de jeugd zichtbaar, betrokken en gewaardeerd houden.
Laten we niet alleen praten over efficiënt vervoer, fusies en betaalbaarheid, maar vooral over betrokkenheid. Laat de jeugd zien. Geef ze een stem. Zet ze bewust in beeld — niet als uitzondering, maar als vast onderdeel van de sport. Maak regelmatig een reportage met een jeugdlid, in begrijpelijke taal. Het zijn immers nog geen volwassenen.
Want als we dat niet doen, laten we dan ook eerlijk zijn en stoppen met klagen over vergrijzing en dalende ledenaantallen.
De keuze is simpel: investeren in jeugd, of accepteren dat de duivensport langzaam maar zeker kwetsbaar wordt.
We laten ons cultureel erfgoed toch niet doodbloeden?
G.J.
8-1-2026
Vrijdagavond 2 januari was het gezellig druk in ons clubgebouw. De meeste leden waren aanwezig om samen het nieuwe jaar in te luiden — zoals we dat graag doen: met een bakkie koffie, daarna een drankje en vooral veel gezelligheid.
Naast het bijpraten stond er ook een belangrijk moment op de agenda: het afhalen van de vaste voetringen voor de jonge duiven van 2026. Voor sommigen kwamen die ringen geen dag te vroeg, want er lagen al duifjes ongeduldig te wachten om geringd te worden.
Onze ringenadministrateur Henry had het er maar druk mee. Met precisie en wat hulp van Aart werden de ringen, eigendomsbewijzen én natuurlijk de speciale Ladies League-ringen netjes op volgorde uitgedeeld. Een flinke klus, maar aan het eind van de avond ging iedereen tevreden — en compleet — naar huis.
Alsof dat nog niet genoeg was, zorgde Rijk Achterberg voor een extra traktatie: een heerlijke koude salade die gretig aftrek vond. Rijk, nogmaals: bedankt!
Daarna bleef het nog lang gezellig. Er werd nagepraat over plannen en ideeën voor het nieuwe seizoen, de laatste aankopen op duivengebied, het vliegprogramma en natuurlijk de ontwikkelingen rond de nieuw te vormen afdeling Oost. De verhalen werden mooier, de plannen grootser en het enthousiasme groeide met de minuut.
Eén ding was aan het eind van de avond glashelder: iedereen heeft er weer ontzettend veel zin in. Het nieuwe jaar is begonnen, de ringen zijn binnen en de motivatie zit goed. Op naar een prachtig duivenjaar!